Tresoar
Allard Pierson Museum
UvAweb

Papyrus

Papyrus was aanvankelijk het meest gebruikelijke schrijfmateriaal zowel bij de Grieken als later ook bij de Romeinen. Papyrus (voorloper van het moderne papier) werd gemaakt van de papyrusplant die groeide in Egypte. De stengels van de plant werden eerst in stukken gesneden en daarna in de lengte. De zo ontstane stroken werden aan elkaar geplakt met het plantensap. Hierdoor ontstonden vellen die ook weer aan elkaar werden geplakt, waardoor het eindresultaat een lang schrijfvel was. Door het gebruik van papyrus konden langere teksten worden opgeschreven, zoals toneelstukken en verhalen. Als men iets moest opschrijven voor administratie werd niet papyrus gebruikt, maar bijvoorbeeld wasplankjes, potscherven (ostraka) of perkament. Omdat papyrusrollen vaak heel lang waren, werden ze opgerold tot een rol en zo bewaard. Vouwen deed men niet, daar was papyrus te breekbaar voor. Papyrus had ook nadelen: de lange rollen waren breekbaar en onhandig. Omdat de vezelstructuur van de plant altijd aanwezig bleef, moest er met de vezelrichting mee worden geschreven en het was ook nog eens maar aan één kant goed schrijfbaar. De rollen werden in kisten of kasten bewaard.

Afbeeldingen bij dit lemma

Afbeeldingen uit deze periode